De Saen 075 - 617 39 11
Saendelft 088 - 343 73 43
Westerwatering 075 - 616 07 61

Op woensdag 14 februari alle 3 onze vestigingen in de ochtend in verband met de overgang naar een nieuw klantsysteem tot 13:00 alleen geopend voor spoed.

Gedrag

Gedrag

  • Kattengedragsbegeleiding
  • Krabben in huis
  • Naar de dierenarts
  • Naar huis vanaf de kliniek
  • Onzindelijkheid
  • Stressverlagende tips
  • Tips in het voorjaar
  • Verhuizen
  • Vuurwerkangst
  • Wat als er een kat bij komt?

Kattengedragsbegeleiding

Heeft uw kat gedragsproblemen? maak dan gebruik van onze PlusGedragsbegeleiding voor katten!
Katten zijn geweldige huisdieren! Maar ze kunnen (voor ons) ongewenst gedrag vertonen zoals onzindelijkheid, krabben aan meubels, zelfverwonding etc. Deze problemen kunnen zowel voor de kat als voor u erg vervelend zijn. Veel katten worden dan ook afgestaan omdat de eigenaar niet meer weet hoe het probleem op te lossen. Het tijdig inschakelen van hulp van een gedragstherapeut kan veel narigheid voorkomen. Onze kattengedragstherapeut Mandy van Holland kan u helpen om gedragsproblemen te begrijpen, te voorkomen en/of op te lossen.

De kattengedragstherapeut kunt u inschakelen voor: vragen over algemeen gedrag, introductie van een nieuw dier in huis, voorbereiding op de komst van een baby, agressie naar mensen of soortgenoten (blazen, grommen, bijten, krabben, aanvallen), onzindelijkheid (plassen of poepen buiten de kattenbak), sproeien, angst voor mensen, soortgenoten, andere dieren of geluiden, krabben aan interieur, overmatig aandacht vragen, veel en vaak miauwen, eten van niet eetbare objecten, kaal likken, zichzelf verwonden, achter eigen staart aan jagen, denkbeeldige prooien vangen, terugkerende blaasontsteking (zonder medische oorzaak), stress.

Onze gedragstherapeut kan u kort advies geven zonder therapietraject, dit kan per e-mail of telefonisch.
Bij grotere gedragsproblemen is extra informatie nodig. Dit wordt verkregen door het invullen van een digitale vragenlijst, een thuisconsult met aanvullende vragen en een observatie.
U ontvangt ons verslag inclusief advies binnen tien werkdagen na het thuisconsult. Daarnaast is er telefonische- of schriftelijke nazorg en ontvangt uw dierenarts een kopie van het verslag.

Een gedragsconsult:

Telefonisch consult bestaande uit algemene vragen over kattengedrag, bijvoorbeeld: advies over opvoeding, introductie nieuwe kat, voorbereiding op komst baby etc. Een telefonisch consult moet vooraf worden aangevraagd en duurt maximaal 30 minuten.

Een thuisconsult:

Een thuisconsult van maximaal een uur, inclusief vragenlijst, observatie, analyse, diagnose, therapieadvies en een verslag. Voor uitgebreide gedragsproblemen is extra informatie nodig. Deze aanvullende informatie wordt deels verkregen door het invullen van een digitale vragenlijst. Na het invullen en retour sturen van deze vragenlijst ontvangt u de factuur per mail en wordt er telefonisch een afspraak voor het thuisconsult (van ongeveer een uur) en observatie gemaakt.

Tijdens een thuisconsult zal de gedragstherapeut de ingevulde vragenlijst met u doornemen, aanvullende vragen stellen, het gedrag van uw kat observeren, de leefomgeving van de kat observeren, een analyse maken en een diagnose stellen. Binnen tien werkdagen na het gedragsconsult ontvangt u en uw dierenarts een definitief therapieadvies en verslag per mail. Daarnaast heeft u drie maanden na consult, gratis begeleiding per mail of telefoon over het consult.

Krabben in huis

Het krabben van katten aan meubels, behang, deurposten en andere voorwerpen komt regelmatig voor. Dit gedrag is normaal voor de kat, alleen niet gewenst door ons.

Normaal kattengedrag

Krabben aan voorwerpen is normaal gedrag voor de kat en is ook om deze reden onmogelijk af te leren.

Krabben heeft voor de kat verschillende functie's:

  • Hij verzorgt hiermee zijn nagels. Kattennagels bestaan uit hoesjes die loslaten als ze niet meer scherp genoeg zijn of beschadigd zijn. Door te krabben, ontdoet de kat zich van deze losse of beschadigde hoesjes en komt er weer een mooie scherpe nagel tevoorschijn. Deze dient ervoor dient om zich vast te kunnen houden en zich te beschermen tijdens een gevecht.
  • Het markeren van het territorium van de kat. Tijdens het krabben komen geurstoffen (feromonen) vrij uit klieren die tussen de voetzolen zitten. Samen met de nagelhoesjes vormt deze geur een teken voor andere katten dat dit gebied al bezet is. Iedere kat heeft zijn eigen, unieke geur die ze door krabben afgeven aan allerlei voorwerpen op hun looproute.
  • Katten krabben om te ontspannen. Het krabben aan voorwerpen reduceert stress. Het is ook een manier om zich uit te rekken. Kortom, een rustgevende bezigheid. Een kat die opgewonden of gestresst is, zal vaak meer en heviger aan voorwerpen gaan krabben. Dit is namelijk een fijne uitlaatklep voor hem.

Waarom krabben in huis

Als een kat zich bedreigd voelt in zijn territorium kan hij dit gaan markeren door te krabben. De onzekerheid kan ontstaan door de aanwezigheid van andere katten in huis of buitenshuis. Naast onzekerheid is ook stress een reden om te gaan krabben. Stress ontstaat als een kat zijn territorium niet kan overzien (gesloten deuren) of omdat hij niet naar buiten kan als hij dat wil. Het kan ook zijn dat de kat zijn omgeving niet kan controleren. Verlies van controle ervaart de kat bij nieuwe spullen in huis, veranderde gezinssituatie, verhuizing, visite, een slaapplaats die telkens bezet wordt door mensen, veel lawaai, enzovoort. Katten functioneren het best als zij hun omgeving kunnen overzien, deze voorspelbaar is en ze deze kunnen controleren. Het is dus belangrijk te weten waarom de kat krabt: is het territoriaal of stress? Beide problemen hebben een andere aanpak nodig.

Welke eisen stelt een kat aan zijn krabpaal

Katten krabben graag aan iets wat stevig staat. Ze zetten hun volledige gewicht ertegenaan dus mag het voorwerp niet omvallen. Zorg dat de krabpaal zo stevig staat dat hij niet wiebelt. De paal moet zo hoog zijn dat de kat er volledig gestrekt aan kan krabben. Sommige katten krabben liever aan een horizontaal vlak dan aan een verticaal vlak. Als een kat niet aan een staande krabpaal wil krabben, kun je een krab plank proberen. Deze moet ook lang genoeg zijn en goed vast liggen op de grond.

Wat te doen bij krabben in huis

Zorg ervoor dat er voldoende krabplaatsen in huis zijn, die voldoen aan de eerder omschreven eisen. Maak deze krabpalen extra aantrekkelijk door ze in te sprayen met catnip of Feliway®. Ook kunt u bij de krabpalen wat lekkers aanbieden aan de kat, of indien u een klimpaal heeft met een krabpaal dan kunt u wat snoepjes op de ligplaatsen neerleggen, zodat de kat er naartoe klimt. Vergeet vooral niet uw kat te belonen met wat lekkers als hij gebruik maakt van de krabpaal, zodat hij weet dat krabben aan de krabpaal hem wat oplevert!

Advies

Wilt u een advies op maat voor uw situatie en lukt het maar niet om uw kat te laten stoppen met krabben aan de bank of stoelen, neem dan contact op met onze kattengedragstherapeut Mandy Ewaart! Zij gaat samen met u op zoek naar de oorzaak van het krabgedrag en helpt u het probleem weer onder controle te krijgen. Bel met onze vestiging Westerwatering via 075 ‑ 616 07 61 of stuur een mail t.a.v Mandy Ewaart naar westerwatering@plusdierenklinieken.nl

Naar de dierenarts

Vervoeren van een kat

Katten zijn onafhankelijke, territoriale dieren die graag de controle houden over hun omgeving en erg gevoelig zijn voor geuren. Dit maakt dat een bezoek aan de dierenkliniek stressvol kan zijn.

Kies een handige kattenmand

  • Deze moet stevig zijn en makkelijk schoon te maken (kunststof of metaal met een kunststof beschermlaag).
  • Mandjes die aan de bovenkant open kunnen zijn het makkelijkst, de kat kan hier (voor een groot deel van het onderzoek) rustig in blijven liggen en makkelijk in- of uitgetild worden.
  • Bedek het mandje tijdens het vervoer met een deken of handdoek af zodat de kat rustig blijft.
  • Til het mandje met beleid: voorkom heftige bewegingen of het stoten tegen andere voorwerpen.

Vertrouwde geuren zullen uw kat minder gestrest maken

  • Gebruik het mandje ook thuis als slaapplek of voerplaats van uw kat. Hierdoor associeert de kat het mandje ook als prettige plek en niet alleen met een bezoek aan de dierenarts!
  • Leg een dekentje of kledingstuk dat naar thuis ruikt onderin het mandje.
  • Wrijf met een doekje langs de kop van uw kat om zijn geur op te pikken, wrijf daarna met dit doekje langs het mandje en stop het erin.
  • Spray Feliway in het mandje, doe dit 30 minuten voor gebruik. Feliway is een feromoon (geurstof) die katten zelf afscheiden als ze kopjes geven. De geurstof zorgt ervoor dat uw kat zich meer op zijn gemak voelt. Feliway is in onze praktijk verkrijgbaar.
  • Als uw kat in paniek raakt, wikkel hem rustig in een handdoek en stop hem met handdoek en al in de mand.
  • Vervoer uw kat op een veilig en rustige manier. Gebruik tijdens een autorit de veiligheidsgordel om de mand zo stabiel mogelijk te houden. Dit doet u door met de autogordel door het handvat van de mand heen te gaan en één kant van de gordel om de voorkant van het mandje te plaatsen. Bedek de mand met een deken tijdens het gehele vervoer.
  • Neem een extra dekentje (dat naar "thuis" ruikt) mee voor het geval dat de kat het mandje bevuilt.
  • Er zijn ook diverse supplementen verkrijgbaar om de stress te reduceren, neem hiervoor contact op met onze praktijk.

In de wachtkamer

  • Neem plaats in de speciale hoek in de wachtkamer voor katten
  • Plaats de kattenmand op een van de planken die daarvoor bestemd zijn zodat uw kat van de grond af is. Mochten deze plekken bezet zijn, zet dan uw kat op tafel of op onze balie.
  • Kies een rustige plek en laat de mand bedekt met een deken. Mocht u een deken vergeten zijn vraag er dan één aan onze assistentes aan de balie.
  • Indien nodig kunt u er ook voor kiezen om de kat in de auto te laten totdat u aan de beurt bent.

In de behandelkamer

Als een ISFM Cat Friendly Clinic hebben we beloofd dat alle medewerkers van PlusDierenklinieken katten rustig en met begrip behandelen.

  • Wij nemen de tijd om uw kat te laten kalmeren
  • Als u iets niet begrijpt, vraagt ons dan om uitleg. Als u twijfels heeft over het toedienen van medicatie, vraag dan de dierenarts of assistente u te helpen het uit te leggen of voor te doen.

Verblijf in de kliniek

Als een ISFM Cat Friendly Clinic voldoet onze opname aan specifieke eisen. U mag altijd kijken waar uw kat terecht komt en deze na overleg komen bezoeken tijdens de opname-periode.
Onze kattenopname is gescheiden van onze hondenopname. Daarnaast zorgen we voor een fijne lig- en/of schuilplek voor uw kat. U mag altijd een eigen handdoek of deken meenemen met de geur van thuis. Dit geldt ook voor speeltjes, knuffels, voer, snoepjes of eventuele specifieke kattenbakkorrels als uw kat langer bij ons in de opname moet blijven.

Wist u dat we ook bij u thuis kunnen komen voor vaccinaties en consulten?
Meer informatie hierover is te verkrijgen bij één van onze praktijken of lees hier meer.

Wij wensen u en uw kat een stressvrije reis naar onze praktijk!

Twijfel!?

Als er ook maar iets is waar u zich zorgen over maakt twijfel dan niet en neem gerust contact op met de kliniek, wij helpen u en uw huisdier graag!

Gedragsbegeleiding

Heeft u vragen over het gedrag van uw kat of is er sprake van een gedragsprobleem?
Dan kunt u contact opnemen met onze kattengedragsdeskundige Mandy van Holland. mvanholland@plusdierenklinieken.nl

06 ‑ 879 489 32

Naar huis vanaf de kliniek

Naar huis gaan

Na een verblijf in de kliniek kan het zijn dat uw kat extra aandacht nodig heeft nadat hij thuisgekomen is:

  • Als uw kat onder narcose is geweest kan de kat nog wat stil en teruggetrokken of wankel zijn.
  • Uw kat kan nerveus en gedesörienteerd zijn. Praat tegen uw kat en aai rustig, geef de kat de mogelijkheid tot meer contact als hij/zij dat op prijs stelt.
  • Voorkom dat uw kat kan likken aan wonden of kan trekken aan hechtingen. Als uw kat dit toch doet, neem dan contact op met onze praktijk. Onze medewerkers helpen u graag met het aanmeten en omdoen van een speciale kraag of romper om het likken te voorkomen.
  • Bel ons als u roodheid, zwelling of vocht van/uit de wond ziet of als u het gevoel heeft dat uw kat niet goed herstelt.
  • Zorg dat u alle medicijnen geeft die voorgeschreven zijn. Mocht dit niet lukken neem dan contact met ons op, wij helpen u graag!
  • Pijn is bij katten erg moeilijk te herkennen, soms uit zich dit in: minder eetlust, verstoppen of terugtrekken. Mocht u dit zien, neem dan contact op met de kliniek.
  • Het is mogelijk dat u uw kat gedurende de eerste nacht of voor een langere periode binnen moet houden.
  • Zorg voor een rustige, warme plek in huis waar uw kat kan rusten.

Herintroductie bij andere katten in huis

Uw kat heeft in de kliniek een onbekende geur opgepikt, vooral na een langer verblijf. Deze geur kan andere katten in het huishouden wat bang en terughoudend maken, het is daarom het best om uw katten rustig te herintroduceren :

  • Zorg dat u aanwezig bent als de katten elkaar weer zien.
  • Zorg dat de kat die thuis komt niet overweldigd wordt door aandacht van mensen of huisdieren.
  • Zorg dat de kat de geur van thuis op kan pikken voordat u hem/haar weer introduceert bij de andere kat(ten).
  • Indien nodig, kunt u de katten één tot twee dagen uit elkaar houden en geleidelijk introduceren. Lees ook het artikel: introductie van een nieuwe kat voor meer tips hoe u dit gelijkmatig kunt doen: https://www.plusdierenklinieken.nl/nieuwe-kat/
  • Was alle doeken die u meeneemt vanaf de kliniek om ze te ontdoen van de geur van de kliniek.
  • Meng de geuren van de katten door de katten om de beurt te aaien. Aai hiervoor voornamelijk rond de kop.
  • De favoriete rust plek van uw kat(ten) kunnen eventueel gesprayd worden met Feliway (verkrijgbaar bij onze kliniek), dit is een kattenferomoon (synthetische kattengeurstof) dat zorgt voor vermindering van stress.

Uw kat eten geven

Na een operatie of opname kan het zijn dat uw kat niet direct wil eten. Om het eten te stimuleren kunt u het volgende proberen:

  • Verwarm natvoeding tot lichaamstemperatuur (38 graden)
  • Biedt heel lekker voer aan, zoals kittenvoer
  • Aan de balie kunt u ook om extra smakelijk voer vragen, speciaal "recovery" voer zoals Hills A/D of Virbac Nutribound
  • Voer vaak, nieuwe, kleine hoeveelheden voer en haal het bakje weg tussen de verschillende voedingen.
  • Probeer eventueel met de hand het voer aan uw kat aan te bieden, daarbij kunt u hem motiveren door te praten en te aaien.
  • Smeer wat natvoeding op de voorpoot van de kat, dit kan zorgen dat hij start met eten als hij het schoon likt.
  • Gebruik een ondiep bakje of bord zodat de snorharen niet de rand raken, irritatie van de snorharen tijdens het eten vinden de meeste katten niet fijn.
  • Neem contact op met de kliniek als uw kat niet binnen 24 uur gaat eten.

Twijfel!?!

Als er ook maar iets is waar u zich zorgen over maakt twijfel dan niet en neem gerust contact op met de kliniek, wij helpen u en uw huisdier graag!

Gedragsbegeleiding

Heeft u vragen over het gedrag van uw kat of is er sprake van een gedragsprobleem?
Dan kunt u contact opnemen met onze kattengedragsdeskundige Mandy van Holland. mvanholland@plusdierenklinieken.nl

Onzindelijkheid

Onzindelijkheid bij katten komt veel voor en kent vele oorzaken. Belangrijk is om eerst door de dierenarts te laten uitsluiten of er een medische oorzaak ten grondslag ligt. Medische oorzaken kunnen zijn: blaasontsteking, nierproblemen, suikerziekte, overmatig werkende schildklier, maar ook rug- of gewrichtspijn waardoor de kattenbak gemeden wordt. Ook kan een verkeerd “kattenbak-management” de oorzaak voor het in huis poepen of plassen (zelfs als deze niet dagelijks of nauwelijks gebruikt wordt door de kat).

Normaal kattengedrag

Katten zijn van nature erg schone dieren, die het liefst elke keer een nieuwe plek opzoeken om hun behoefte te doen. Binnen hun eigen leefgebied verbergen katten hun urine of ontlasting (begraven). Als ze dat niet doen, hebben ze daar een reden voor, namelijk andere katten attent maken op hun aanwezigheid. Sproeien en markeren met urine en ontlasting is dus een middel voor een kat om te communiceren naar andere katten. Katten gebruiken namelijk geuren om boodschappen door te geven aan andere katten, geeft de andere kat o.a. informatie over:

  • Wie er gemarkeerd heeft
  • Wanneer er gemarkeerd is
  • Het geslacht, emotionele en hormonale status van de kat die gemarkeerd heeft
  • Waar de grenzen van het territorium liggen

Markeren gebeurt niet alleen met urine en ontlasting maar ook door middel van krabben aan schuttingen e.d. Daarnaast geven katten geuren (feromonen) af door middel van kopjes te geven tegen objecten.

Oorzaken van onzindelijkheid

Onzindelijkheid kan door diverse oorzaken ontstaan:

Pijn bij plassen en/of poepen op de kattenbak

Door urinewegproblemen (stenen, gruis, ontsteking) of gewrichtspijnen (artrose, spondylose) kan de kat pijn ervaren bij het naar de bak gaan of redt de kat het niet meer om naar de kattenbak te gaan. Door een lichamelijk onderzoek bij de dierenarts en urineonderzoek kunnen lichamelijke oorzaken achterhaald worden.

Aandoeningen waardoor de kat meer gaat drinken, en daardoor veel meer of vaker moet plassen: nierproblemen, suikerziekte, leveraandoeningen, een te snel werkende schildklier. Door onderzoek van de urine kan de dierenarts hier aanwijzingen voor vinden.

De kattenbak is niet schoon genoeg

Het verschonen van een kattenbak is voor veel eigenaren niet de leukste klus, maar wel de belangrijkste voor de kat zelf! Vergeet niet dat katten veel beter kunnen ruiken dan mensen en de geur van de kattenbak al snel onaanvaardbaar voor ze is. Dagelijks uitscheppen van de ontlasting én urine is noodzakelijk als je één kat hebt, bij twee katten liefst twee maal daags uitscheppen. Kattendeskundigen raden aan om net zoveel kattenbakken als katten in huis te hebben, plus één extra. Ververs regelmatig (minimaal één keer per week, afhankelijk van hoe vaak de bak gebruikt wordt) de hele inhoud van de bak en maak de bak schoon met sop. Spoel de bak goed na met water om te voorkomen dat er luchtjes van het reinigingsmiddel achterblijven.

De kat vind de plaats van de kattenbak niet fijn

De kattenbak moet op een plek staan waar de kat makkelijk bij kan en waar hij privacy heeft. Plaats de kattenbak dus niet in een rommelkast, onder de kapstok, op zolder, naast een wasmachine of andere apparaten (de kat kan schrikken als plots apparaten aanslaan) of in een looproute. Als je meerdere kattenbakken hebt, verdeel deze dan over verschillende plekken in huis. Zet ze dus niet naast of tegenover elkaar én niet in de buurt van de eet- en drinkbak.

Uiterlijk van de kattenbak

Sommige katten willen zich graag terugtrekken in de kattenbak en vinden een kap erg fijn, andere katten willen graag om zich heen kijken. Vooral in een huishouden met meerdere katten is een open bak erg fijn voor de kat omdat ze dan de omgeving beter kunnen controleren en voorspellen. Er bestaan ook doorzichtige kappen voor op de kattenbak.

Klepje van de kattenbak

Veel mensen denken dat de klep in de kattenbak geuren tegen houdt, dit is echter niet het geval. Als de kattenbak stinkt dan is hij niet goed schoon. De meeste katten hebben een gruwelijke hekel aan klepjes en bij onzindelijkheid is ook het eerste advies de klep te verwijderen! De klep zorgt ervoor dat de vieze geuren langer in de bak blijven hangen waardoor de kat er niet meer op wil.

Het kattengrit bevalt de kat niet

Veel katten geven de voorkeur aan fijn en geurloos kattengrit, al zijn er uitzonderingen. Sommige katten hebben liever aarde of zand in de kattenbak, het ligt dus aan de kat waar de voorkeur naar uit gaat. Grove vullingen zoals houtkorrels voelen vaak grof en onprettig aan waardoor de kat niet meer op de kattenbak wil.
Bij PlusDierenklinieken verkopen wij kattenbakvulling van Fresh'n easy. Deze kattenbakvulling bestaat uit stofvrije en parfumvrije granulaatkorrels, die de urine en urinegeur direct absorberen en insluiten. U hoeft dus niet meer de urineplekken eruit te scheppen maar alleen nog de ontlasting te verwijderen. Deze vulling (zak van vijf liter) gaat ongeveer (voor één kat) één maand mee en verkleurt op het moment dat u deze moet verversen. Ook ideaal voor als u op vakantie gaat en u het uw oppas gemakkelijker wilt maken.

Hoeveelheid kattenbakken

Als vuistregel wordt gezegd: voor iedere kat één kattenbak + één extra. Heb je twee katten, dan zou je volgens deze vuistregel drie kattenbakken moeten hebben. Soms heeft een kat twee kattenbakken nodig omdat hij niet op dezelfde bak wil plassen en poepen, maar er zijn ook katten die gezamenlijk één bak delen. Om problemen te voorkomen kun je het beste uitgaan van één kattenbak per kat, ook al wordt deze niet vaak gebruikt.

De kattenbak is te klein

In een te kleine kattenbak kan een kat zich er niet goed omdraaien. Vooral oudere katten met gewrichtsproblemen kunnen de kattenbak dan gaan mijden en een andere plek gaan zoeken om hun behoefte te doen. Heeft u een kat met gewrichtsproblemen? Dan is het raadzaam niet alleen een grote bak neer te zetten maar er ook op te letten dat deze een lage instap heeft als hulp bij onzindelijkheid

Als medische oorzaken zijn uitgesloten, en uw „kattenbakmanagement“ is in orde, en de kat blijft problemen houden, kan stress (met name door andere katten) een rol spelen, of is het een gedragsprobleem. Onzindelijkheid en sproeien in huis is te verhelpen, als het lukt om de oorzaak te achterhalen en deze weg te nemen of te behandelen. Naast het aanpakken van de oorzaak is het belangrijk dat de kat het verkeerd geleerde gedrag weer afleert. Onze kattengedragstherapeut Mandy Ewaart kan u hierbij helpen! Zij gaat samen met u op zoek naar de oorzaak van het gedrag en helpt u de onzindelijkheid van uw kat weer onder controle te krijgen. Bel met onze vestiging Westerwatering via 075 ‑ 616 07 61 of stuur een mail t.a.v Mandy Ewaart naar westerwatering@plusdierenklinieken.nl

Stressverlagende tips

Wat zijn de behoeften van mijn kat?

Iedere kat stelt andere behoeften aan zijn of haar leefomgeving. Dit hangt bijvoorbeeld af van het ras van de kat, de leeftijd en zijn of haar omgeving.

  • Moet de kat het huis delen met andere katten?
  • Komt de kat buiten of moet deze binnen blijven?
  • Woont de kat in een druk gezin waar veel jonge kinderen over de vloer komen?

Dit soort factoren zorgen ervoor dat de ene kat andere behoeften kan heeft dan een andere. Daarnaast is de ene kat gevoeliger en stress-gevoeliger dan de andere kat.

Maar met de volgende onderstaande tips kun je iedere kat een stukje gelukkiger maken, doordat ze beter aansluiten op de behoeften van de kat waardoor de stress verminderd wordt.

Hoge zit- en ligplaatsen

Katten vinden het fijn om overzicht te hebben over hun leefruimte. Zo kunnen ze hun omgeving beter inschatten, wat stress aanzienlijk verlaagd. Laat een kat klimmen en hoge plaatsen opzoeken. Plaats een klimpaal, wat plankjes aan de muur waar hij op kan springen of maak een meubel aan de muur waar de kat op kan zitten.

Een vaste ligplek op een bank of een stoel is niet hoog genoeg voor een kat, vooral in huishoudens met veel kleine kinderen over de vloer is het fijn voor de kat om hoog weg te kunnen kruipen om met rust gelaten te worden.

Drinkbak, eetbak en kattenbak

Katten vinden het niet fijn om een etensbak of een drinkbak naast de kattenbak te hebben, zet deze dus apart van elkaar. Het liefst zet u de kattenbak in een andere ruimte. Indien dit niet mogelijk is, zet dan de kattenbak aan de andere kant van de kamer.

Zorg dat er op meerdere plekken in huis drinkbakken staan, dit stimuleert de wateropname en voorkomt blaasproblemen. Het is aangetoond dat katten minder goed drinken als de drinkbak naast de eetbak staat en ze daardoor een verhoogde kans hebben op het ontwikkelen van blaasproblemen.

Katten vinden het fijn eetgelegenheden op een verhoging aangeboden te krijgen in plaats van een eetbak op de grond. Een ontspannen kat zit op zijn kont tijdens het eten, is dit niet het geval, verplaats dan de voerbak naar een rustige plek.

Voedselverrijking

Laat je kat, net zoals deze dat in de natuur zou moeten doen voor een muizenmaak, werken voor zijn eten!
Katten die niet buitenkomen of alleen een balkon tot hun beschikking hebben, hou je mentaal en fysiek gezond door voedsel aan te bieden in een vorm van voedselverrijking, bijvoorbeeld door voerpuzzels. Het is soms wat wennen voor de kat in het begint, maar schakel geleidelijk over en je kat zal het geweldig vinden!

Er zijn ook diverse voerpuzzels bij PlusDierenklinieken verkrijgbaar, dus loop gerust een keer de praktijk in voor meer informatie. Bovendien eten katten rustiger als ze eten aangeboden krijgen in voerpuzzels, wat beter is voor de spijsvertering. Het verminderd braakklachten, die ontstaan door gulzig eten en is ideaal voor katten die wat pondjes af moeten vallen.

Stevige krabgelegenheid

Katten vinden het fijn om te krabben aan een stevige krabpaal, hij moet dus stevig staan en niet wiebelen. Naast nagelverzorging is krabben voor een kat een manier van ontspanning. Tijdens het krabben komen zogenaamde ontspanningshormonen (feromonen) vrij wat de kat een aangenaam gevoel geeft.

Indien de krabpaal niet stevig genoeg is of niet groot genoeg (de kat moet zich kunnen uitrekken aan de krabpaal) kan het zijn dat de kat een alternatief gaat zoeken, zoals bankstellen of stoelen.

Spelen

Zorg voor activiteiten, zoals spel! Iedere dag enkele minuten spelen kan het leven van een kat al veel veranderen. Hengels met rond fladderende veren zijn ideaal om het jachtinstinct van de kat te triggeren. Wissel regelmatig van verschillende speeltjes en sluit het spel altijd af met een lekker hapje.

Wees voorzichtig met het spelen met laser-lampjes, katten kunnen het laserlicht niet pakken waardoor er frustratie kan ontstaan. Mocht u toch graag met uw kat spelen met een laserlamp zorg er dan voor dat u deze bijvoorbeeld op een propje papier schijnt, zodat de kat toch daadwerkelijk wat kan vastpakken.

Het kan per kat verschillen wat ze leuk vinden qua spel, zoek uit wat uw kat leuk vind en maak de speeltjes extra aantrekkelijk met onze Catnip spray!

Een eigen plek

Geef je kat(ten) de mogelijkheid om zich te verstoppen. Laat de kat ook met rust in zijn verstopplek. Onderzoek heeft uitgewezen dat katten zich op het moment van verstoppen zich wel beter voelen. Ze kunnen op die manier de stressprikkel, weliswaar in beperkte mate, ontvluchten.

Ruime, schone kattenbak

Katten kunnen met andere katten samenleven indien de omgeving aangepast wordt. Een goede richtlijn qua kattenbenodigdheden is het aantal katten plus één extra. Twee katten hebben dus minimaal drie kattenbakken nodig, verspreid over het huis. Een ruime en schone kattenbak zonder kap geeft de kat meer overzicht over de omgeving en voorkomt onzindelijkheid.

Tips in het voorjaar

Zodra het voorjaar zich weer voorzichtig aan laat zien, de dagen worden langer en de temperatuur wordt steeds aangenamer. Dit is bij uitstek dé periode dat kattenhormonen weer opspelen en hierbij neemt de behoefte van de kat toe om de woonkamer te verlaten en zijn leefgebied buiten weer te gaan verkennen.

Katten hebben zowel een leefgebied als een territorium, maar wat is het verschil?

Een leefgebied gebruikt de kat voor activiteiten zoals lopen, jagen, spelen en exploreren. Dit gebied varieert van 0,1 tot 0,8 hectare (bij de zwerfkat zelfs 270 tot 420 hectares). Leefgebieden van katten kunnen elkaar overlappen en kunnen dus gedeeld worden.

Een territorium daarentegen is een exclusieve plek waar geen andere katten worden geduld, deze plekken worden regelmatig gepatrouilleerd, indringers worden (met inzet van agressie) verjaagd en deze plek wordt regelmatig gemarkeerd. Vooral wanneer de hormonen op gaan spelen kunnen zowel poezen als katers in huis gaan plassen. Poezen doen dit om aan te geven dat ze “beschikbaar” zijn en katers om andere katers te weren.

Het leefgebied van katers is gemiddeld 3,5 keer zo groot als dat van poezen, dit komt voort uit het feit dat katers voortdurend op zoek zijn naar krolse poezen om hun genen door te geven (te paren). Deze “ongecastreerde” katers zijn vaak veel van huis weg en hebben een groter risico op opgelukken en aanrijdingen. Daarnaast zien we dat deze katers veel abcessen, krab- en bijtwonden hebben omdat ze de strijd om hun leefgebied aan gaan met andere katers. De verwondingen zijn niet alleen pijnlijk en vervelend, ze lopen ook risico op andere ziektes zoals FIV (kattenaids), die overigens ook overdraagbaar is naar poezen op het moment van dekken.

Ongecastreerde poezen hebben naast het risico op een ongewenst nestje, ook veel last van de hormonen die vanaf vier tot vijf maanden leeftijd al aanwezig kunnen zijn. Zo kunnen ze dagen lang klaaglijk miauwen, plassen in huis, rusteloos en ronduit vervelend gedrag vertonen in deze “krolse periode”.

Ze lopen stad en land af op zoek naar een knappe kater om te paren. Tijdens deze paring bijt de kater de poes in haar nekvel, waarop ziektes zoals FIV overgebracht kunnen worden. Daarnaast lopen ongecastreerde poezen (*) een veel groter risico op het krijgen van borstkanker op latere leeftijd en is de kans op baarmoederkanker of een baarmoederontsteking heel reëel aanwezig.

Het is dus niet alleen voor katers beter om gecastreerd te worden, maar ook voor poezen.
* (In de volksmond wordt bij poezen onterecht gesproken van een sterilisatie. Echter, omdat de eierstokken hierbij volledig worden weggehaald, heet dit feitelijk een castratie).

Verhuizen

Katten zijn erg gehecht aan hun omgeving en een verhuizing is een stressvolle en soms traumatische ervaring. Een goede planning is nodig om de verhuizing zo stressvrij mogelijk te laten verlopen.

Plaats de kat voordat de verhuiswagen arriveert in een kamer met de vervoersmand, water/eten en een kattenbak. Spray aan de binnenzijde van de vervoersmand met een feromonen-spray (Feliway) om de kat op zijn/haar gemak te stellen. Zorg dat de kamer gesloten blijft en plaats er een briefje op voor de verhuizers zodat er niemand naar binnen gaat. Plaats de kat pas in de vervoersmand als alle andere kamers leeg zijn en vervoer hem/haar daarna naar het nieuwe huis.

Voor erg angstige katten is het waarschijnlijk beter om ze de dag vóór de verhuizing in een pension te plaatsen en pas op te halen als alles in het nieuwe huis is geïnstalleerd.

Het vervoer

Vervoer de kat niet in de verhuiswagen zelf, maar in een personenauto (niet in de kofferbak). Zorg dat de vervoersmand in een stabiele positie blijft en niet heen en weer schudt. Let er op dat er voldoende ventilatie aanwezig is en dat het niet te warm wordt in de auto. Zet de vervoersmand vast met een autogordel zodat bij plotseling remmen of een ongeluk de mand niet gelanceerd wordt.

In de nieuwe woning

Plaats minimaal een week voor de verhuizing een feromonen-verdamper (Feliway) in de kamer waar de kat voorlopig zal verblijven. Plaats de verdamper bij voorkeur in een laag stopcontact. Als de verhuizing voorbij is, kunt u de geur van de kat verspreiden door het huis. U doet dit door met een katoenen doekje langs zijn/haar wangen, mondhoeken en voorhoofd te wrijven. Wrijf met dit doekje langs de wanden, deurposten en meubilair op ‘kathoogte.’ Voer deze handeling een aantal dagen achter elkaar uit. Laat de kat pas door het hele huis lopen als al het meubulair op hun plaats staat. Laat de kat tot die tijd in een aparte kamer verblijven. Zorg voor een bekende oude slaapplaats voor de kat, eten/water en een kattenbak. Indien mogelijk kan een familielid bij de kat blijven terwijl de kat de kamer verkent. Pas als de hele verhuizing achter de rug is, laat u de kat de rest van het huis verkennen. Doe dit kamer voor kamer. Blijf kalm zodat de kat begrijpt dat dit een veilige omgeving is. Zorg dat alle deuren en ramen gesloten zijn. Zorg dat de kat niet op plekken komt waar hij/zij zich in nauwe ruimten kan verstoppen.

De eerste weken binnen houden

Houd de kat de eerste drie weken binnen om te wennen aan het nieuwe huis. Probeer zoveel mogelijk de oude routines en gewoonten aan te houden. Ga door met het gebruik van de verdamper en plaats deze telkens in een andere kamer.

Naar buiten

Zorg dat de vaccinaties in orde zijn. Een chip is uiteraard erg belangrijk in het geval de kat wegloopt of verdwaald. Andere katten moeten uit de tuin worden verjaagd! De tuin wordt namelijk het territorium van de huiskat. Hoe sneller andere katten dit doorhebben, hoe minder problemen dit later oplevert. Laat een kat eerst alleen onder begeleiding naar buiten. Het liefst aan een tuigje met een lijn. Draag de kat niet naar buiten, maar laat hem/haar zelf beslissen of hij/zij wil verkennen. Laat de deur open zodat de kat naar binnen kan vluchten als hij/zij iets als bedreigend ervaart. Als de kat helemaal gewend is aan de nieuwe omgeving, is een kattenluikje zeer aan te raden. Denk eraan dat vreemde katten ook van buiten naar binnen kunnen komen. Een chipluik kan dit probleem voorkomen. U voert het chipnummer van uw kat in het systeem van het chipluik in en er kan geen andere kat meer door het luik naar binnen komen.

Terugkeer naar het oude huis

Als de nieuwe woning niet ver gelegen is van de oude woning, kan een kat terugkeren naar de oude woning. Houd de kat daarom een langere periode binnen. Waarschuw de nieuwe bewoners of oude buren dat de kat terug kan keren en vraag ze contact op te nemen als dit gebeurt. Het is belangrijk dat ze de kat dan niet voeren of aanmoedigen binnen te komen. Dit werkt namelijk alleen maar verwarrend voor de kat. Haal de kat zo snel mogelijk terug.

Het kan maanden duren voordat een kat zijn nieuwe huis accepteert en niet meer naar de oude woning terugkeert. In een enkel geval is de band van een kat met het oude huis zo sterk dat er weinig anders op zit dan de nieuwe bewoners te vragen de kat te adopteren….

Van buiten naar binnen – van binnen naar buiten

Het is niet ideaal om met een kat die gewend is om veel naar buiten te gaan, te verhuizen naar een huis waar hij/zij niet meer naar buiten kan. Soms is er echter geen andere oplossing. Een buitenkat die een binnenkat wordt, heeft bezigheden nodig. De eigenaar kan hiervoor zorgen door bijvoorbeeld droge brokjes in huis te verstoppen om zo de kat de mogelijkheid te geven om te jagen. Ook kunt u bijvoorbeeld brokjes in een voerbal verstoppen of hang veertjes/ blaadjes e.d op onverwachtte plekken in huis als een verrassing. Wissel het speelgoed in ieder geval regelmatig af. Zorg voor krabpalen waar de kat in kan klimmen en hoge uitkijkplekken. U moet minimaal éénmaal per dag ‘prooispelletjes’ spelen met uw kat.

De overgang van een binnenkat naar een buitenkat is meestal geen probleem als dit geleidelijk wordt uitgevoerd. Veel katten vinden het in het begin prettig als de eigenaar ze begeleidt. Op den duur zal het buitenleven het welzijn van de meeste katten ten goede komen.

Van groot naar klein

Als iemand met meerdere katten naar een kleinere woning verhuist, is er een grote kans op problemen. Er moet dan gezorgd worden voor voldoende ligplaatsen, krabpalen, kattenbakken, eet- en drinkplekken, hoge uitkijkplekken en schuilplaatsen.

Katten hechten zich heel sterk aan hun omgeving en houden niet van onvoorspelbare gebeurtenissen. Ze willen het liefst de volledige controle houden over hun leven. Verhuizen is voor hen dus nog veel moeilijker dan voor een mens. Met de bovenstaande tips kan de eigenaar de stress verminderen en zorgen dat een kat zich sneller op zijn gemak voelt in de nieuwe woning.

Vuurwerkangst

Is uw kat bang voor vuurwerk?!

Van nature vindt een kat vuurwerk niet leuk. Maar voor sommige katten (en hun eigenaren) is het een regelrechte ramp. Vaak wordt gevraagd om een "vuurwerk-tablet" bij de dierenarts, een medicijn dat het dier rustiger/suffer moet maken. Hier zitten echter zo veel nadelen aan (zie onder "Medicatie"), dat we dit niet geven. De inzichten over wat deze medicatie doet met de kat zijn de laatste jaren flink gewijzigd. Als medicatie wenselijk is geven we andere tabletten mee dan voorheen.

Wat helpt wel?

Als uw kat alleen bang is tijdens vuurwerk en wegkruipt onder de tafel of trap, kunt u overwegen om niets te doen. Het is voor de kat niet erg om één keer per jaar even bang te zijn. Het gedrag moet alleen niet verergeren. Onrustig door de kamer rennen, constant bij de baas willen zijn en dagen voor Oud & Nieuw niet meer naar buiten willen zijn goede redenen om wél iets te doen. De beste en meest succesvolle manier om uw kat van zijn angst af te helpen is TRAINING. Dit vergt tijd en moeite van de eigenaar, maar uw kat heeft hier de rest van zijn/haar leven wat aan!

Vuurwerk-CD

De eenvoudigste vorm van gedragstherapie is trainen met behulp van de vuurwerk-cd van Tinley. Zo kunt u uw kat laten wennen aan vuurwerk- en andere geluiden. Dit kan gecombineerd worden met een speciale voeding tegen stress (Royal Canin Calm) of met medicatie die de angst verlaagd waardoor de kat makkelijker leert (zie hieronder). Er moet wel op tijd mee begonnen worden! Het liefst al in september, in ieder geval vóór december, want een leerproces heeft pas resultaat als het vaak herhaald wordt. De cd is bij ons te koop.

Feromonen

Er bestaat een verdamper met kalmerende werking, die u in het stopcontact steekt: de FELIWAY verdamper. Deze bevat geurstoffen (feromonen) die normaal door de moederkat worden afgegeven voor de kittens. Mensen kunnen dit niet ruiken, maar de kat wel. Door de kalmerende geur reageert de kat minder heftig op prikkels van buitenaf. Ook hierbij geldt dat u er op tijd mee moet beginnen. Minimaal één week, maar het liefst twee tot drie weken vóór het vuurwerk begint.

Medicatie

De meeste tabletten die voorheen door dierenartsen werden meegegeven (acepromazine) zorgden dat de kat heel suf werd. Helaas werd de gevoeligheid voor geluid door deze medicijnen vergroot. De kat was echter te suf om te kunnen reageren, waardoor de angst juist erger werd. Bij veel katten zie je dat ze steeds heftiger gingen reageren op knallen van vuurwerk. Geluidsangst bereidde zich ook uit zoals angst voor onweer, motoren, een vallend boek, enzovoort. Een ander nadeel van deze kalmeringsmiddelen was dat het effect ervan onvoorspelbaar was. Het kon te weinig helpen, een te diepe slaap veroorzaken of veel te lang werken.

Sommige middelen mogen niet worden gegeven aan dieren die last hebben van leverproblemen, hartfalen of epilepsie. De middelen zijn pas na 24 uur volledig uitgewerkt, tot die tijd mag de kat niet naar buiten. Als laatste hebben alle medicijnen bijwerkingen. Dit zijn allemaal redenen om zeer terughoudend te zijn hiermee. Mocht u dit toch willen, of als het te laat is om uw kat nog te trainen, dan geven wij andere medicijnen dan voorheen, waarbij uw dier minder suf wordt én die minder nadelen hebben.

Mogelijkheden voor medicatie:

  • Zylkène: is een natuurlijk product dat kan ondersteunen bij diverse vormen van stress. U begint hier het best een maand van tevoren mee. Als u een paar dagen van tevoren begint is het effect er wel, maar kleiner. Het zijn capsules met poeder die u kunt openbreken en mengen met wat lekkers.
  • Alprazolam: een angstremmend diergeneesmiddel dat ook bij mensen met angststoornissen wordt gebruikt. Het mag maximaal 3 dagen achter elkaar gegeven worden, maximaal 3x per dag. U kat wordt hier nauwelijks suf van maar mag niet naar buiten. Alprazolam is een humaan middel en mag alleen voorgeschreven worden indien diergeneeskundige middelen niet toegepast kunnen worden. Voor meer informatie: klik hier.

Voeding

Royal Canin heeft een volledige voeding (Calmdieet) waar ingrediënten in zitten die stressverminderend werken. Voor een optimale resultaat moet hier een maand voor het vuurwerk mee gestart worden. Dit moet gegeven worden in plaats van de normale voeding van uw kat. Voor meer informatie kunt u terecht bij een van onze medewerkers.

Tips voor de laatste dagen

  • Doe het kattenluik in de ochtend van oud & nieuw dicht en houd de kat binnen.
  • Sluit, indien nodig, de kat op in een aparte ruimte met een kattenbak, eten en drinken. Dit voorkomt dat de kat uit huis ontsnapt.
  • Doe de gordijnen dicht en zet muziek aan om flitsen en knallen te dempen.

Een gelukkig en stress-vrij Oud & Nieuw toegewenst!

Wat als er een kat bij komt?

De introductie van een nieuwe kat

De introductie van een nieuwe kat kan zorgen voor veel stress bij de katten die je al in huis hebt. Vaak adviseren mensen om het de katten “uit te laten vechten”, maar klopt dit advies wel?

U heeft slechts één kans

Sommige eigenaren zetten de nieuwe kat meteen in de woonkamer tussen de andere katten, om het onderling te laten uitvechten. Om een introductie van een nieuwe kat goed en veilig te laten verlopen, heb je echter maar één kans. En als het fout gaat met de bovenstaande aanpak, heb je er een heel groot probleem bij, namelijk: hevig vechtende katten in huis die elkaar niet meer tolereren.

Een vriendelijke ontmoeting

Kies voor een rustige introductie van de nieuwe kat. Dit zal misschien wat langer duren, maar het bezorgt veel minder stress voor iedereen. Laat de katten het tempo bepalen: als de nieuwe kat makkelijk geaccepteerd wordt, kun je dit vier-stappenplan redelijk snel doen. Niet alle katten vinden het leuk om een huisgenoot erbij te krijgen, bedenk daarom eerst of het wel een goed idee is om er een kat bij te nemen. In geval van twijfel kunt u altijd advies vragen aan onze kattengedragstherapeut.

Stap 1 “geuren introduceren”

Het is de bedoeling de kat apart te houden van de andere kat(ten) en hem eerst de gelegenheid te geven vertrouwd te raken met de nieuwe omgeving en de nieuwe eigenaar. Pas op het moment dat de nieuwe kat normaal eet, rust en de eigenaar benadert, kan hij geïntroduceerd worden aan de geuren van de andere katten.
Katten herkennen groepsleden via de geur. Daarom is het belangrijk bekendheid met elkaars geuren te creëren. Zorg dat je net zoveel doekjes hebt als katten en bewaar deze in een plastic zakje met de naam van de kat erop. Om ervoor te zorgen dat de geur van de kat aan het doekje komt aai je de kat hiermee, beginnend bij de wang en mondhoeken, via de flank en eindigend bij de staartbasis (de aanzet van de staart aan het einde van de rug). Wanneer je de nieuwe kat gaat begroeten of eten geeft, laat de andere kat dan even kort aan het doekje ruiken. Als het een angstige of agressieve reactie uitlokt, is het belangrijk geen verder contact af te dwingen. Bij herhaaldelijk laten ruiken aan het doekje zouden katten uiteindelijk kopjes ertegen moeten geven of het totaal negeren. Wanneer alle katten in huis op deze manier reageren op de geur van de andere kat dan is het tijd om naar stap 2 te gaan.

Stap 2 “geuren uitwisselen”

De geuren kunnen nu gemengd worden door de doekjes bij elkaar in een zakje te doen. De doekjes met de gecombineerde geur kunnen dan op dezelfde manier als in stap 1 gebruikt worden. Daarnaast kan de eigenaar in dit stadium de katten om en om aaien zonder tussendoor de handen te wassen en kleedjes waarop katten liggen uitwisselen. Op het moment dat alle katten de nieuwe geur accepteren, is het tijd om naar de volgende stap te gaan.

Stap 3 “Verkennen op een veilige en leuke manier”

De nieuwe kat moet de mogelijkheid krijgen om de rest van het huis te onderzoeken, terwijl de andere kat(ten) opgesloten worden in de ruimte van de nieuwkomer. Bij het wisselen van de ruimte moet voorkomen worden dat de katten elkaar tegen komen of enige vorm van contact kunnen maken (ook oogcontact moet voorkomen worden).

Er moet dus een derde ruimte als sluis gebruikt worden, op de volgende manier:

  • De kat(ten) die al in huis wonen, worden gebracht naar deze derde ruimte (deze ruimte is afsluitbaar is en de nieuwe kat heeft nog niet in deze ruimte gezeten).
  • De nieuwe kat wordt in de woonkamer gezet waarvan tijdelijk even de deur gesloten wordt om te voorkomen dat de katten elkaar toch aantreffen.
  • De kat(ten) in de derde ruimte kunnen nu in de ruimte gezet worden waar de nieuwe kat de afgelopen periode heeft doorgebracht (sluit deze ruimte ook af door de deur op slot te draaien)
  • De nieuwe kat kan nu op zijn gemak de rest van het huis verkennen zonder dat hij één van de andere tegenkomt.

Op een gegeven moment zult u zien dat de nieuwkomer bij de deur van de andere katten zal gaan ruiken. Ze maken met elkaar kennis door te snuffelen aan de onderzijde van de deur. Geef ieder een beloning aan de dichte zijde van de deur. Als de beloning dicht bij de deur gegeven kan worden en de nieuwe kat vertrouwd is met de rest van het huis, is het tijd voor de volgende fase.

Stap 4 “onder toezicht bij elkaar”

De katten mogen elkaar nu gaan zien, maar zonder risico op het uitvoeren van een aanval. Dit kan door een glazen deur of door een hordeur te gebruiken. Al het visuele contact dient in gecontroleerde sessies te gebeuren waarbij de katten een beloning aangeboden krijgen. Als de katten geen angst of agressie vertonen, kunnen de katten onder toezicht bij elkaar. Mocht één van de katten continu agressie of angst blijven vertonen, schakel dan de hulp van onze kattengedragstherapeut Mandy Ewaart in!

Terug naar Katten